Studentenprojecten
In maart start het derde project waarbij studenten onderzoek doen voor het S4aF-verhaal. Het eerste project betrof het ontwerp van een voedselsysteem voor op een toekomstig schip. Masterstudenten van de Wageningen Universiteit hebben daarvoor onderzoek naar gedaan (Een focusgroep antwoordt: wat eten we aan boord? – Ships 4 a Future). Het tweede project was een literatuuronderzoek die een studente psychologie van TU Twente heeft gedaan naar geïsoleerd levende gemeenschappen. Haar focus was: groepsvorming, het ontstaan van gezamenlijke regels, vormen van leiderschap en communicatie. Zij kwam met hele nuttige inzichten om het leven van een toekomstige gemeenschap aan boord beter te kunnen begrijpen (Boekonderzoek: groepspsychologie, golven en de zon – Ships 4 a Future). Het derde project start deze maand. Studenten van de TU Delft gaan een duurzaam energiesysteem voor het toekomstige schip ontwerpen.
De studentprojecten vormen een belangrijk onderdeel van mijn boekproject. Onderzoek doen is nodig, ik wil een zo realistisch mogelijk scenario beschrijven in het verhaal. Het is weliswaar fictie, het moet wel geloofwaardig zijn. Het is geen science fiction. De inzichten uit het onderzoek, de ideeën van de schrijver, samen zorgen ze ervoor dat het schip en haar gemeenschap kunnen varen.
Het schipidee in het verhaal: bouw een bestaande vrachtschip om tot een duurzaam en zelfvoorzienend woon- & werkschip waarmee je over de oceaan kunt varen. Er varen momenteel duizenden vrachtschepen rond op de oceanen, het aanbod is er. Het recyclen van schepen, waarbij ze voorzien worden van een schone voortstuwing, is duurzaam. Stapel units – zoals dat met containers wordt gedaan – in het ruim en op het dek van het schip. Privé kamers, een keuken, een gym, plantenkassen of een waterbehandelingsinstallatie. De units kun je aan boord zetten met een kraan, vanaf de kade. Dat geeft de flexibiliteit om verschillende gebruiksfuncties aan boord te krijgen. Als de units worden weggehaald is het weer een vrachtschip. Ze kunnen een tweede leven krijgen aan land. Ergens, een gestapeld appartement/kantoor complex met groentekassen in een willekeurig land met een haven. Recycling, dus.
Het ombouwidee zou ik graag toetsen. Misschien kan het niet, dan kunnen de studenten vast en zeker wat beters bedenken. Verder zijn er nog andere belangrijke vragen: hoe zit het met de zonne- en windenergie die nodig zijn voor de duurzame voortstuwing van het schip? Want de opgewekte elektriciteit, volledig geproduceerd met zonnepanelen, is ook nodig voor het kweken van planten met behulp van kunstlicht. Dat vraagt veel energie. De oceaanbewoners willen varen en ze willen vers eten.
Een realistisch scenario betekent dat de feiten kloppen. Daarvoor is onderzoek nodig. Een lezer moet niet struikelen over een bepaalde passage. Stel, ik zou in het boek schrijven: ‘Ze varen in december langs de Azoren. Een eilandgroep, eenzaam gelegen in de Atlantische Oceaan, gescheiden door diep water van continent Europa. De reis verloopt al weken vredig, golfjes spelen op het immense oppervlak.’
Foutje! Denkt een maritiem professional die het boek leest. In de wintermaanden is de oceaan rond de Azoren behoorlijk onstuimig. De oceaanbewoners leven helemaal niet vredig, sommigen zijn waarschijnlijk druk bezig hun lunch eruit te kotsen. Misschien legt deze lezer het boek wel weg. Het verhaal gaat kopje onder.
Ik schreef het in de vorige blog al: het verhaalschip verblijft in de winter in rustigere wateren ter hoogte van de Canarische eilanden of nog zuidelijker bij de Kaapverdische eilanden. Het voordeel als je huis niet vast zit aan een fundament in de grond.
Een Bachelor Eind Project voor S4aF
Op dinsdag 10 maart was ik bij de TU Delft om de start van het project te bespreken met de studenten en hun begeleider. Bij de TU Delft kan een bedrijf of een instelling – of een schrijver in mijn geval (al zal dat niet vaak gebeuren, schat ik zo in) – een project indienen voor een Bachelor Eind Project. Het vak is bedoeld om kennis te verdiepen en onderzoeksvaardigheden verder te ontwikkelen. Het project doen ze als team van vier- tot vijf studenten. Het duurt zo’n vier maanden.
Het team dat gaat werken aan het project voor S4aF bestaat uit studenten werktuigbouwkunde en maritieme techniek. De studenten hebben een begeleider die de inhoudelijke ondersteuning geeft. Ik had maanden eerder een projectvoorstel ingediend. Gelukkig, voor mij en mijn verhaal, vonden de studenten dit een uitdagend project om uit te voeren.
De drie hoofdvragen uit mijn projectvoorstel:
- Ontwerp een duurzaam energiesysteem voor de voortstuwing van een bestaand vrachtschip.
- Bepaal het energieverbruik en gevraagd elektrisch vermogen voor het schip in verschillende scenario’s, afhankelijk van de windcondities, zoninstraling en zeestromingscondities als het schip langzaam vaart en op volle kracht.
- Ontwerp een modulaire woon-werk unit, opgebouwd uit een metalen vakwerk van balken en plaatwerk, dat in het ruim van het vrachtschip wordt geplaatst.
De studenten gaan, aan de hand van deze vragen, aan de slag om een plan van aanpak te schrijven. Ze gaan eerst de onderzoeksfocus bepalen, daarna volgen de onderzoeksvragen, planning en werkverdeling. In juni volgt hun eindrapport en presentatie. Ik ben benieuwd naar het eindresultaat. Ik ben erg enthousiast over de projecten die studenten hebben gedaan voor Ships for a Future. Er is veel te leren, er zijn nog zoveel vragen. De opgedane kennis verwerk ik in mijn verhaal, informatie die dient als onderbouwing. Een reality check.


