Naar de werf in Martenshoek

In 2024 terug heb ik de VPRO-uitzending ‘Dwarse scheepsbouwers’ over het bedrijf Royal Bodewes gezien. Op de beurs Europort 2025 sprak ik met Martijn Beunk, een business developer, van de scheepsbebouwer (Europort 2025 beursvloer voor de maritieme sector). April 2026, ik stap uit op station Martenshoek om naar het kantoor van Royal Bodewes te wandelen. Ik ga het scheepsbouwproces met mijn eigen ogen zien!

Ik kom aan bij het hoofdkantoor. Mijn bezoek valt samen met het bezoek van TU-studenten van het scheepsbouwkundig gezelschap ‘William Froude’. Een groot gezelschap in dit geval, drie busjes vol, allemaal strak in pak. Het bestuur in driedelig grijs. Wie ik was? Vroeg een van de studenten. Ik probeer kort uit te leggen dat ik een boek schrijf, op de werf kom kijken voor inspiratie voor mijn fictieve verhaal over een community die leeft op een schip op de oceaan. Het is best lastig om het boekidee S4aF bondig uit te leggen; tijd om een elevator pitch te bedenken?

Met z’n allen nemen we plaats in de presentatieruimte. Martijn Beunk en Gerhard Drenth, beiden business developer bij Royal Bodewes, steken van wal met hun presentatie over het bedrijf.

Intermezzo: een kort stukje geschiedenis

Een paar mijlpalen in meer dan 200 jaar familiebedrijfsgeschiedenis:

  • Geert Joosten Bodewes begon in 1812 met het maken van houten binnenschepen.
  • 1882: het bedrijf bouwt de eerste schepen van staal.
  • 1931: de eerste volledig gemotoriseerde schepen worden op de werf gebouwd.
  • 1996: Herman Bodewes wordt directeur van het bedrijf, neemt het management over.
  • 2010: het bedrijf start met een rederijtak, Nescos Shipping BV.
  • 2012: Bodewes Shipyards krijgt na twee eeuwen het koninklijk predicaat, verandert van naam in Royal Bodewes.
  • 2021: Royal Bodewes bouwt het eerste hybride schip ter wereld, de MV Aasfjell.
  • 2023: Door het continu doorvoeren van innovaties kan het bedrijf 8 schepen per jaar bouwen op de werf in Hoogezand.

Bron: https://royalbodewes.com/about-us/

We build Ships

Gerhard en Martijn vertellen om de beurten het verhaal van het bedrijf en de schepen van Bodewes. Als bedrijf blijven bestaan is een kwestie van slim produceren, de concurrentie van met name Azië is stevig. Het bedrijf innoveert continu om voorop te blijven met hoogwaardige schepen. Dat doen ze in Groningen met een netwerk van toeleveranciers. Bedrijven die de besturingssystemen, ventilatiesystemen en andere noodzakelijke producten en diensten leveren.

Het bedrijf luistert goed naar wat de klant wil, naar wat die klant betalen kan voor een nieuw schip. Met minder staal meer schip maken. Brandstof besparen door een duurzame voortstuwing toe te passen, om daarmee ook te kunnen voldoen aan de strengere milieuregels. Zorgen dat het ontwerp precies klopt. Elk schip wordt eerst helemaal in 3D ontworpen. Alle onderdelen zoals staalplaat, installaties, leidingen, kabels, alles is eerst digitaal, daarna pas echt. Het bouwen gebeurt op de eigen werf. Dat doen overigens niet alle Nederlandse scheepsbouwers, die kopen vele casco schepen uit Azië.

In hun verhaal komen alle mogelijke vormen van scheepsvoortstuwing die Royal Bodewes heeft gebouwd langs. De technische fases van de moderne geschiedenis volgend: zeilschip, stoommachine, dieselmotor, hybride (diesel-elektrisch), Flettner rotor, vleugelprofiel (suction sail), all-electric en methanol-ready. Het maakproces is een continue innovatie met steeds weer een andere energiebron. Toch, laat de vooruitgang ook zien dat we teruggrijpen op een bekende oude energiebron: de wind.

Van de werf komen schepen van 100 – 140 meter lengte en een breedte van maximaal 16 meter. Breder kan niet, anders komt het schip vast te zitten in het kanaal. De afgebouwde schepen schuiven zijwaarts – dat is een heel spektakel – het Winschoterdiep in. Daarna vaart het schip naar de zee, om dan verder te gaan naar de klant. Noorwegen, Taiwan of Frans-Polynesië.

Het schip voor Frans-Polynesië: die klant kwam niet zomaar langs in Hoogezand. Het land ligt aan de andere kant van de wereld. De klant heeft een ro-ro vrachtship besteld voor het bevoorraden van de eilandengroep. Gerhard en Martijn vliegen de hele wereld over om met hun klanten te spreken. Trouwens: Ro-ro staat voor roll on-roll off. Royal Bodewes bouwt daarnaast nog andere specials: de cement carrier. Dat deden ze niet zomaar, ze wisten dat de vloot van cement vervoerende schepen sterk aan het verouderen was. Wat doe je dan als innovatief bedrijf? Een nieuwe cement carrier ontwikkelen!

schepen aan de kade Royal Bodewes

Bezichtiging van de werf

We krijgen allemaal een helm en een fluorescerend vestje. Veiligheid staat voorop, met deze boodschap begint onze rondleiding. We wandelen de eerste hoge hal binnen. Ik zie grote stalen constructies liggen die door lassers in elkaar worden gezet. Overal liggen kabels, staan lasapparaten, liggen stalen profielen. Hijskranen hangen hoog boven ons hoofd.

Het felle licht van een lasboog schittert, rook kringelt omhoog de ruimte in. De lassers, met bril en mondkap, lassen de stalen delen aaneen voor het volgende schip. In de hal wordt eerst een heel segment van circa 12 meter lengte in elkaar gezet. Elk segment wordt vervolgens naar buiten verplaatst, daar wordt het schip verder afgebouwd.

We lopen naar de kade. Er staat een deels afgebouwd schip, daarnaast drijft er één die reeds is afgebouwd. We betreden het drijvende schip via een deur in de zijkant, komen in de ruime waar de regelkasten voor de elektronica staan. Werknemers zijn bezig de bekabeling aan te leggen. We lopen via een trap naar boven naar de brug. Die is nog in aanbouw, bundels kabels die aangesloten moeten worden, meubilair in plastic verpakking.

Onze tour loopt ten einde. De koffer met de stickers erop die is meegedragen met een van de studenten gaat open. Er zit een fles drank en stickers in, die zijn voor de twee gastheren. Een mooie traditie (gelukkig begrijp ik nu ook waarom de koffer de hele tijd meeging). Het gezelschap neemt afscheid, ze gaan – met de koffer – verder naar een volgende afspraak. “Succes met je boek”, wenst een van de studenten me nog bij het instappen in het busje.

Kiellegging

Na de tour gaan we terug naar het kantoor. Ik praat na met Gerhard en Martijn. Iets later komt Robin van Amstel er ook bij. Hij werkt voor de rederij Nescos Shipping BV die het scheepsbedrijf heeft opgericht. We filosoferen over S4aF. Martijn zegt: Je kun beter een ouder schip nemen dan een nieuw gebouwd schip, er gelden minder strenge regels voor. De kiellegging vult Robin aan, die bepaalt welke regels gelden. Kiellegging? Ik vraag wat het betekent – nog zo’n woord uit het maritieme jargon. De kiel, het fundament van het schip. De kiellegging is, vrij vertaald, het geboortejaar van een schip.

Over de voortdrijving van het schip en de route hebben ze duidelijke ideeën. Zij adviseren om een zeil toe te passen. Dan kan je in de avond zeilen. Overdag, als de zon schijnt, laat je het zeil zakken zodat de zonnepanelen veel opbrengst leveren. Ik denk bij mezelf: er zijn zoveel technische mogelijkheden, welke zou ik moeten kiezen voor het schip in mijn verhaal? Gelukkig voor mij gaan vijf studenten van TU Delft rekenen aan de energiehuishouding van het schip (studenten ontwerpen een duurzaam energiesysteem voor een schip)

Kan het schip niet stilliggen? Vraagt Martijn. Dat kost geen energie. Dat klopt wel, zeg ik. Het schip moet wel ergens naar toe. In ieder geval moet het van Rotterdam naar de Kaapverdische Eilanden en dan weer terug.

Als laatste hebben we het over de professionele bemanning: de kapitein, officiers en engineers. Robin geeft aan dat het voorkomt dat de bemanning een heel jaar vaart. Het toekomstige schip is immers niet standaard, daar zijn wel mensen voor te vinden. Als er goede faciliteiten zijn, als ze onderdeel kunnen zijn van een bijzonder project dan is een jaar varen best een reëel scenario. Dat scheelt weer in het verhaal: de logistiek wordt er een stuk simpeler van.

Een koninklijk bedrijf

Het is tijd, zij gaan weer schepen bouwen, ik ga schrijven. Ik vraag of ik bij de te waterlating kan zijn van het schip in aanbouw. Dat kan. In juli gaat ze te water. Ik dank ze hartelijk voor hun tijd en hun ideeën.

Met een hoofd vol indrukken en informatie wandel ik terug naar het treinstation. Royal Bodewes is een bijzonder Nederlands bedrijf. We built ships: ik heb het met mijn eigen ogen gezien. Hier bouwt een no-nonsense bedrijf nog schepen. Innovatiever, duurzamer, klantgerichter.

Ik had geen koffer met stickers bij me, geen cadeau. In juli – dat beloof ik – neem in drie doosjes chocolade bonbons mee uit Apeldoorn. De chocolatier van het winkelplein maakt ze zelf – we built chocolate bonbons 😊

Ik ben benieuwd naar de naam van het schip!

Socials

LinkedIn